Waardering

INHOUD

 

1

De waardering van een gedicht komt tot stand na een aandachtige en herhaalde lezing en wordt opgeroepen door esthetische kenmerken als klankkieur, muzikaliteit, ritme, toon en sfeer.

In ‘ Het lied der dwaze bijen’ wordt de sfeer mede bepaald door de toon van de wijsheidsspreuk (V). Deze doet volgens sornmigen afbreuk aan de voortgang van het noodlottige verhaal en breekt de spanning. Toch moet men stellen dat juist de ernstige, gedragen toon van deze strofe het gedicht diepgang geeft en de sfeer geladen maakt. Lees het gedicht maar eens zonder de regels! Juist zij bevestigen en versterken de noodlotsfeer die er over het gedicht hangt.

2

Dat er sprake is van een knap gedicht blijkt gedurende de analyse en exegese. Zo gebruikt Nijhoff esthetische middelen

  • om het verhaal te ondersteunen (het gebruik van verschillende soorten klinkers in de eerste en de laatste strofen),
  • om de drammerigheid van de groep bijen te illustreren (het rijmschema, de opbouw van strofen, de vele herhalingen),
  • om via het traagheidsprincipe een aantal begrippen naar voren te halen (verbitterde, jubelend voortgedreven, glinsteringen).

In het gedicht zijn vorm, inhoud en visie innig met elkaar verbonden: een kunstzinnig criterium bij uitstek.

Vestdijk benadrukt het kunstzinnig belang van ‘de cyclische gang’: de voortgang van een gedicht berust op voortdurende her- halingen en het gedicht zelf keert uiteindelijk terug bij zijn uitgangspunt: de cirkel wordt gesloten. In Nijhoffs gedicht blijkt dit laatste uit de terugkomst van de bijen naar de aarde: zij keren huiswaarts. b

3

Veel van wat er in deze waardering wordt opgesomd, zal door een ervaren lezer zonder uit- drukkelijke analyse en exegese worden opgemerkt en verwerkt. Hij zal van het gedicht genieten en een idee krijgen van zijn complexe schoonheid die vooral is gelegen in muzikaliteit, ritme, sfeer en toon.Toch zal het lezen van gedichten altijd iets onvoltooids inhouden, ook als men ze diepgravend onderzoekt: ‘Literatuur is (nu eenmaal) werk in uitvoering’ (Kees Fens).


NOTEN

a Zonder de afwijkende ritmen (A en T) zou het gedicht, gezien het herhalingsschema binnen de strofen en’liet ve@bindehoe rijm- schema tussen de strofen, snel te gemakkelijk, te mooi zijn geworden, wat in,tëgenspraak it-,(netde lijdensgeschiedenis dia in het gedicht wordt verteld.
b Ook bij Van Ostayen (- 10.8.5.20) en bij Dèr Mouw  10.12.5.4) treft men dezelfde cyclische gang aan (‘staiwaarts’, ‘naar hun huis’).

Geef een reactie